maandag 30 maart 2015

Gast zijn

´Een gastheer of gastvrouw toont grote liefde op zijn eigen terrein. Wie te gast is, geeft zich over. Geen groter liefde dan dat.´

We zijn vaak zo vol van het idee: gastvrij zijn en ons huis openstellen voor anderen. Met we bedoel ik dan mijn man en ik. Maar misschien geldt het wel voor het bredere algemeen. Wij willen in elk geval graag dat mensen zich welkom weten en op hun gemak voelen. Dat er geen drempel is om bij ons binnen te stappen. Zulk soort dingen.

En toen las ik bovenstaande tekst. Bam, aan het begin van de week. En hoewel ik de rest van de stukjes gelezen heb, bleef vooral dit de hele week rondspoken in mijn hoofd. Wellicht als voorbereiding op de zaterdag die komen ging. Toen had een praktijkoefeningetje.

Ik ging naar Amsterdam. De hele dag. Op bezoek bij de uitgeprocedeerde asielzoekers waar ik me soms druk voor en soms druk over maak. En hoewel ik dat inmiddels een jaar of twee doe, was ik er nog nooit geweest. Want dat vond ik spannend. Ik ben niet goed in social talk en niet goed in Engels, En ik houd niet van nieuwe onbekende situaties. Kortom: ik ben een beetje een poeperd. Maar nu ging ik.

Rond elf uur kwamen we binnen bij de eerste groep. We waren welkom. Kregen thee. Niet iedereen was goed in social talk of engels maar het bleek dat samen in stilte thee drinken ook prima is. Toen het lunchtijd was, kwam er een heerlijk ruikend gerecht op tafel. Nieuwsgierig vroeg ik wat het was en ik werd uitgenodigd om mee te komen eten. Er stond iemand op uit zijn stoel, die was voor mij. Ik vond het ingewikkeld. Wie was ik om hun lunch op te eten. Hadden ze nu zelf wel genoeg? Ik bood mijn boterhammen met pindakaas aan maar dat viel natuurlijk een beetje in het niet. En terwijl ik voor het eerst van mijn leven injera at (jumjum), gaf ik me over. Over aan het moment en aan de verbinding. We praten over eten en de smaak van thuis en hoe het is om die te moeten missen. De grote dingen, die nog veel erger zijn om te moeten missen, bespraken we niet maar dat was prima. We ontmoetten elkaar, spraken samen, deelden samen. En ik zag iets van Gods koninkrijk.

Na een lange dag kwamen we 's avonds aan bij de vluchtgarage. Van buiten een troosteloze uitgestorven bende. Maar binnen wonen 120 mannen, soms met zijn 18-en in een kamer. Niet uitgestorven, soms wel troosteloos. Maar ook daar werden we warm welkom geheten, rondgeleid en kregen we thee en de beste plek. En ik leerde opnieuw te gast te zijn. Buiten mijn eigen comfortzone. En dat was vele malen mooier dan erin.

Rogier Pelgrim (oa winnaar Grote Prijs van Nederland) bracht vandaag zijn nieuwe single uit. De clip is opgenomen in, en met de bewoners van, de vluchtgarage. De moeite waard om eens te bekijken en te luisteren.

 


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen